Smelt de boter en doe over in een kom. Voeg de suiker en vanillesuiker toe en mix met de mixer tot een romige crème. Voeg dan mixend een voor een de eieren toe en de melk. Zeef het zelfrijzende bakmeel erboven en mix door het boter-ei mengsel. Laat het deeg 30 minuten rusten. Maak ondertussen de banaan-appelcompote. Schil de appels en snijd in stukjes. Pel de bananen en snijd in plakjes. Smelt de boter en voeg de appel, banaan en kaneelstokjes toe. Bak het 4 minuten op halfhoog vuur. Voeg het sinaasappelsap toe en laat 5 minuten zachtjes inkoken tot een compote. Verwarm het wafelijzer en schep 2 ½ el deeg in elke holte. Strijk het uit met een eetlepel. Bak ze in 2 minuten goudbruin. Serveer de wafels warm bestrooid met poedersuiker, appel-banaan compote en fijngehakte pistachenoten.