Kook de bietjes gaar. Laat ze afkoelen en schil ze. Rasp de bieten fijn. Snijd de lente-uitjes fijn en voeg bij de bietjes. Schenk het bier erop en voeg de bloem toe. Roer krachtig door met een garde. Voeg de eieren een voor een toe en maal er royaal zeezout en peper over. Schep de geraspte kaas erdoor. Maak de makreel schoon, verwijder het vel en de graatjes en breek het visvlees in stukjes. Verwarm een grote koekenpan op middelhoog vuur en voeg een royale klont roomboter toe. Schep als de boter is gesmolten drie hoopjes bietenbeslag in de pan. Druk ze met een lepel plat zodat ze circa 6 cm groot zijn. Bak ze aan beide zijden circa 3 minuten gaar. Schep ze uit de pan en ga zo door tot het bietenbeslag op is. Leg ze op bordjes of op een schaal en schep op ieder bietenbeignet een theelepeltje crème fraîche, een stukje makreel en wat ringetjes lente-ui. Lekker met een glas bier.